Groep 1/2

 

Informatie groep 1 en 2          

 

Dit schooljaar werken we met drie gecombineerde groepen 1/2. Groep 1/2a van Ineke/Christa, groep 1/2b van Erika en groep 1/2c van Petra/Iris. Vrijdagochtend zijn de groepen 2a, 2b en 2c samengevoegd en krijgen zij les van juf Christa in het groep 2a lokaal.

 

Een overzicht van activiteiten in groep 1 en 2 die (dagelijks) aan bod komen.

 

Inloop /  Kleine kring:

Maandag, dinsdag, woensdag en donderdag hebben we inloop voor de kinderen.

De kinderen beginnen bij de tafel met een activiteit die voor hen klaar ligt of ze mogen een ontwikkelingsactiviteit uit de kast kiezen.

Een klein groepje start in de kleine kring.

De leerkracht begint om half 9 met een groepje kinderen in de kleine kring. Deze werkvorm biedt de mogelijkheid om instructie te geven en gericht te oefenen op het gebied van taal-lezen-rekenen .

De concentratie en betrokkenheid van kinderen is groter en beter in een klein groepje. Vaak rouleert de groep. Soms wordt er ’s middags in de kleine kring gewerkt.

De andere kleuters vergroten hun zelfredzaamheid, want ze mogen niet bij juf komen. Het is een gewenning om dus niet te ‘storen’ en rustig bij je tafel te werken.

Soms beginnen de groepen wel in de kring afhankelijk van het lesrooster.

 

Daarna begint de dag gezamenlijk in de grote kring. Er is veel aandacht voor het besef van tijd. Welke dag is het? Er wordt een versje opgezegd. Wat doen we vandaag? Eten we één of twee keer op school? Met de dagritme kaarten wordt duidelijk wat we op een ochtend of middag gaan doen.

De Weekwijzer - Kalender – Dagindeling - Klassenhulpjes zijn routines die dagelijks terugkomen.

 

Hulpjes van de dag

Dagelijks zijn er 2 kinderen het hulpje; zij zitten naast juf. Dit is zichtbaar d.m.v. 2 foto’s en/of namen van de hulpjes. Door deze kinderen o.a. een aantal taken te laten uitvoeren bevorderen we de verantwoordelijkheid en zelfstandigheid.

 

Taal activiteiten in de kring:

Dagelijks doen we enkele van de vele taalactiviteiten, het accent ligt op de mondelinge taal om zo de taalvaardigheden te ontwikkelen. Er wordt veel gewerkt met boeken.

Tip: ook thuis voorlezen is zeer belangrijk voor de taalontwikkeling van uw kind.

Lees thuis voor en bekijk de prentenboeken samen met uw kind. Uw kind kan aan de hand van de plaatjes het verhaal zelf vertellen.

 

  • Spontaan gesprek of leergesprek (onderwerp uitdiepen)
  • Verhaal voorlezen of verhaal vertellen
  • Opzegversjes
  • Prentenboeken
  • Vertelplaten
  • Poppenkast / poppenspel
  • Dramatiseren / drama
  • Taalspelletjes (raadsels, rijmen, fluisterspelletje en geheugenspelletjes)
  • Woordenschat: voor de kleuters is het heel belangrijk om de woordenschat te vergroten. Dit doen we met de woordenboom.
  • Fonemisch bewustzijn (dit moet aanwezig zijn om te leren lezen), zoals: rijmen, woorden noemen die met dezelfde klank beginnen, lettergrepen klappen, concentratiespelletjes, lange-en korte woorden, enkele letters benoemen, synthetiseren en  analyseren van woorden.      
  • vaangeboden met behulp van de lettertafel/kast. We herhalen deze letter(s) dagelijks in spelvorm. De kleuters krijgen op deze wijze ongeveer 16 à 18 letters aangeboden. Groep 2 kinderen moeten deze ook kunnen benoemen.
  • Van de methode Kleuterplein (vaardigheden zoals, spreken, luisteren, de methode, genaamd: “Ik kan het zelf”. Bij elke aangeleerde letter is er een werkblad, die de groep 2 leerlingen dan gaan maken.
  • Kleuteruniversiteit: een aantal thema’s wordt spelenderwijs behandeld. Allerlei taal-en rekenactiviteiten komen hierbij aan de orde.
  • Na de mei vakantie begint groep 2 met de start versie van Veilig Leren Lezen. ( VLL ) Deze methode sluit aan bij de leesmethode in groep 3.
  • Tevens nemen wij de toets Fonemisch bewustzijn voor groep 1 (juli) en groep 2 (december en juli) af.

 

Dagen v.d. week

Door de activiteitenkalender of weekwijzer maken we de kinderen attent op: gisteren, morgen, etc. en  de verschillende dagen van de week, de maanden en het wisselen van de seizoenen. In groep 1/2a gebruiken we  de weekkleuren: maandag is geel, dinsdag is blauw , woensdag is groen, donderdag is rood en vrijdag is paars. Groep 1/2b heeft een andere indeling en hiervan zijn de kleuren: Maandag is geel, dinsdag is rood, woensdag is blauw, donderdag is roze en vrijdag is paars. Deze kleurenindeling gebruiken we ook op de weektaken. De kinderen spreken van de gele dag en van de maandag. Wel zijn we direct gestart met het benoemen van de dagen.

 

Werkles / spelen

We werken aan de hand van thema’s; welke gedurende 3 à 4 weken worden behandeld. Jaarlijks komen de seizoenen en feesten ook aan bod. We sluiten bij het thema aan met een kijktafel  en met een aantal themahoeken op het leerplein. De kinderen mogen over de thema’s en letters ook voorwerpen, plaatjes of boekjes meenemen (voorzien van naam). Meestal spreekt een onderwerp nog meer aan wanneer u er thuis ook over praat.

Tijdens de werkles werken we met de ontwikkelingsmaterialen: puzzels, mat. voor de motoriek, taal- en rekenmaterialen. Tevens worden er verschillende technieken aangeleerd: zoals vouwen, tamponneren, scheuren, vlechten, knippen, kleuren, verven en stempelen. Deze technieken worden herhaald en uitgebreid. Alle werkactiviteiten hebben een bedoeling (lesdoel). We vinden het belangrijk dat het werkje zoveel mogelijk van het kind zelf is (adaptief: eigen creatieve inbreng). De kinderen van groep 1 maken momenteel één verplichte activiteit en keuze uit één mag activiteit per week. De kinderen van groep 2 maken momenteel drie verplichte activiteiten  ( 1 knutsel, 1 materiaal en 1 mag activiteit per week). Verder 1 opdracht uit hun werkboekje Ík kan het zelf’. Kleuters met kleuterverlenging krijgen hierbij vaak nog extra taken. In de loop van het schooljaar wordt de weektaak verder uitgebreid.

Ook werken de kinderen met een taakbrief. Daarop staan de werkjes die de kinderen per week moeten maken. Ook geven de leerlingen hierop aan hoe zij het werkje hebben ervaren dmv. smileys. Krijgt uw kind een werkje mee naar huis, vraag uw kind dan eens wat de opdracht was. U kunt dan merken of ze het begrijpen.

 

Planbord en hoekenbord

In de klas hangt een planbord waar de kinderen dagelijks mee werken. Tijdens de werkles hangen er afbeeldingen van de verplichte werkactiviteiten, van mag-activiteiten en van de materialen. De kinderen plaatsen het magneetje in de kleur van de dag onder de activiteit van hun keuze. De leerkracht houdt de resultaten van de kinderen bij in de registratiemap en op de weektaak/taakbrief, die de kinderen zelf inkleuren met de kleur van de dag.

Verder kunnen de kleuters tijdens de vrije keuze les kiezen uit allerlei hoeken: nl. de taal-schrijfhoek, de lees-en luisterhoek, computer, kleihoek, bouw/constructiehoek, veranderhoek, zand-/watertafel, rekenhoek, puzzel- en spelletjeshoek, onderzoekshoek, legotafel, museum etc. Deze materialen / hoeken worden regelmatig gewisseld en aangepast per thema, zodat de kinderen steeds weer uitgedaagd worden iets nieuws te ontdekken. Hiervoor gebruiken de kinderen het hoekenbord: ze hangen hun plaatje ( hetzelfde als op hun stoel ) onder de activiteit van hun keuze. We werken hiermee, zodat de kinderen zelfstandig zien waar ze uit kunnen kiezen en welke activiteit vol is. Ook stimuleren we hiermee het zelfstandig werken; zich zelf te redden en het zelf leren problemen op te lossen.

 

Onderzoekend-en ontwerpend leren(spelen)

Kleuters zijn nieuwsgierig en willen graag weten hoe iets in elkaar steekt of hoe iets werkt. Ook wat er gebeurt als…….of ze willen het gewoon weten. Leren wordt leuker als kinderen op een onderzoekende of ontwerpende manier bezig zijn. Door onderzoekend leren worden kinderen nieuwsgierig en leren ze de dingen in de wereld om hen heen te begrijpen. Ze kunnen de opgedane ervaringen weer toepassen bij hun eigen ideeën en uitvindingen. Ook doen ze veel ervaringen op in de ontdek/onderzoekshoek op de gang en tijdens ‘proefjestijd’. We maken hierbij o.a. gebruik van de ‘Onderzoekscirkel’ (zie afbeelding).

 

 

 

Proefjestijd

Dit betreft activiteiten op het gebied van de wereldoriëntatie, waarbij kleuters kennis en vaardigheden leren. Wanneer ze de uitgevoerde proefjes onthouden, kunnen ze opgedane kennis en verworven vaardigheden gemakkelijker gebruiken bij nieuwe activiteiten. De leerkracht wakkert de nieuwsgierigheid van de kinderen aan.  Een aantal onderwerpen die aan de orde kunnen komen:  mengsels maken, drijven of zinken, een regenboog maken, van eitje tot vlinder, voelen met je voeten, proeven van warm of koud en lekkere en vieze geurtjes etc.

 

Bewegingsonderwijs

Elke dag doen we aan beweging. Voor de gymnastiekles moeten de kinderen zich uitkleden. Het is de bedoeling dat de kinderen zich in de klas zelfstandig aan- en uitkleden. De kinderen gymmen in hun ondergoed. We leren ze de kleren netjes op te vouwen en kleding om te draaien. We helpen de kinderen uit groep 2 hier eigenlijk niet meer mee. Alleen sokken en schoenen aandoen in het begin van groep 1 en veters strikken in het begin van groep 2 is nog vaak een juffentaak. Wij zouden het daarom fijn vinden wanneer u dit thuis ook met uw kind oefent (sokken, schoenen en veters) dan neemt het aankleden minder tijd in beslag en gaat dit niet ten koste van de gymnastiektijd.

 

Het dragen van gymschoenen is wenselijk. Graag “zachte” schoenen met een flexibele zool en met een klittenband of elastiekenband.  Geen veterschoenen of harde zaalsportschoenen, dit is niet fijn bewegen met de oefeningen die uw kind in het speellokaal doet. Deze schoenen koopt u als ouder zelf, de school stelt eventueel een stoffen tasje beschikbaar om de schoenen op school in te bewaren. De schoenen graag voorzien van naam.

 

De hele week hebben we gymnastiek  in het speellokaal.  Het bewegingsonderwijs kunnen we rangschikken in verschillende bewegingslessen. Deze worden vaak gegeven in de vorm van een bewegingscircuit, te weten:

  • Spel:(dansspel/dramaspel/aftelspel/bewegingsspel)of tikspel (van het basistikspel, overloopspel , tikspel met vrijplaatsen, hindernistikspel naar het vrije tikspel)
  • Kleutergymnastiek (KG): dit doen we met allerlei materialen zoals ballen (klein en groot), banken, pittenzakken, hoepels, blokken, linten en ringen.
  • Groot materiaal: Klimmen, klauteren glijden en springen van allerlei toestellen die in het lokaal zijn opgesteld. Kinderen oefenen hoogtes en dieptes.
  • Buiten spel: als het weer het enigszins toelaat gaan we met de kinderen buiten spelen en staat het samen spelen (sociaal) centraal. Er zijn verschillende materialen waar ze mee kunnen buiten spelen, ook geven we wel eens een gymles buiten.
  • Huis van de Sport: op donderdagmiddag krijgen de kinderen van groep 1 een extra gymles gegeven door het Huis van de Sport. De kinderen oefenen dan voor het Nijntje beweegdiploma. Dit programma duurt een half jaar en wordt afgesloten met een kijkles voor ouders/verzorgers.

 

Muziek

Elke dag zingen we samen met de kleuters in de kring. Bij ieder thema leren de kinderen  meerdere liedjes. Met een aangeleerde lied doen we allerlei spelletjes, zoals muziek/geen muziek, muzikale tegenstellingen hoog/laag en hard/zacht en vlug/langzaam, maat/ritme, bewegen op muziek en we gebruiken muziekinstrumenten die de kleuters zelf mogen bespelen. Ook in de projecten van Kleuteruniversiteit is er aandacht voor muziek beluisteren, zingen en instrumenten bespelen. Bij een thema krijgen de kinderen een liedjesstencil mee naar huis, zo kunt u ook met uw kind de liedjes thuis nog oefenen en zingen.

 

Rekenen:

Bij de kleuters bestaat het rekenen uit de domeinen Getalbegrip, Meten en Meetkunde.

 Getalbegrip:

  • omgaan met de telrij: De telrij op kunnen zeggen, herkennen en gebruiken van rangtelwoorden. Vanuit verschillende getallen in de telrij verder kunnen tellen en terugtellen.
  • omgaan met hoeveelheden: Vergelijken en ordenen, sorteren, begrippen als groot/klein, veel/weinig, meer/minder, evenveel. Getalpatronen (bv. Dobbelsteen) herkennen zonder te tellen.
  • omgaan met getallen. In groep 1 wordt de getallenlijn 1 t/m 10/12 en in groep 2 wordt de getallenlijn 1 t/m 20 aangeboden. Volgorde van de getalsymbolen in de telrij herkennen en kunnen leggen.

Meten:

  • Lengte, omtrek en oppervlakte: meten op het oog, direct ( naast elkaar houden ) indirect ( touwtjes, meetlat, papier, je voet )
  • Inhoud: begrippen herkennen en gebruiken vol/voller, leeg, veel/ weinig, kunnen meten van een inhoud met een kopje, fles, beker. Vergelijken en ordenen.
  • Gewicht: begrippen zwaar/licht, zwaarder/lichter, weegschaal aflezen
  • Tijd: dagritme, dagen van de week, jaar terugkerend ritme ( seizoenen ), tijdsbegrippen dag/nacht, ochtend/middag/avond, vandaag/morgen/gisteren, vroeg, laat, straks, toen, kort, even, snel enz.
  • Geld: begrippen duur/goedkoop, duurder/ goedkoper enz., begrijpen dat munten en briefjes verschillende waardes hebben. Systeem van kopen en betalen.

Meetkunde:

  • Oriënteren en lokaliseren: Begrippen: voor, achter, naast, in, op boven, dichtbij, veraf, links, rechts, tegenover. Plattegrond, routes van leefomgeving,
  • Construeren: driehoek, cirkel, vierkant, rechthoek, bol, kubus. bouwopdrachten, bouwtekening en vouwen van een vouwwerk.
  • Vormen en figuren: zon en schaduw figuren, mozaïek, patronen namaken, spiegelen.

 

Dagelijks komen er allerlei rekenbegrippen aan de orde tijdens de gymlestijd. Denkt u maar eens aan een aftelspel, een rijtje van 4 kleuters, de voorste / eerste of middelste hoepel overslaan. Tevens ontwikkelen de kinderen hun getalbesef en voorbereidende rekenbegrippen in andere situaties, zoals bij:, buitenspel, opzegversjes, liedjes, begrippen tijdens de werkles en bij het spelen met constructie materiaal. De kleuters uit groep 1 moeten o.a. de getallen 1 t/m 10 beheersen en de kleuters uit groep  2  de getallen 1 t/m 20,

Dagelijks doen we een rekenactiviteit.

We werken met de methode ‘Met sprongen vooruit’,  met de werkmap CPS gecijferd bewustzijn of gebruiken rekenlessen van Kleuteruniversiteit.

De kinderen uit groep 2 maken in hun  werkboekje van Kleuterplein ’Ik kan het zelf’ ook voorbereidende rekenactiviteiten.

 

Sociale Vorming / groepsvorming

Via de methode ‘Kwink’ werken we aan de soc. emotionele ontwikkeling. Een onderdeel van de sociaal-emotionele ontwikkeling is o.a. Sociaal-Emotioneel-Leren, hierbij worden vaardigheden aangeleerd zoals:  het herkennen van gevoelens bij jezelf en de ander, om kunnen gaan met heftige emoties,   voor anderen zorgen, oplossingen voor problemen bedenken in de omgang met de ander, zelfvertrouwen krijgen in wat je wel (zelfstandig) en niet goed kunt, weten welk gevolg gedrag heeft, etc.

De bedoeling is dat kinderen door het aanpassen van hun gedrag bijdragen aan een veilige leer- en leefomgeving. Bij Groepsvorming (hoe wordt de klas een groep)  is het de bedoeling om een positieve groepssfeer te krijgen waarin de kinderen rekening houden met elkaar. Onderwerpen die aan bod kunnen komen; kinderen het gevoel geven dat ze erbij horen,  omgaan met conflicten, plezierig met elkaar omgaan, niet door elkaar heen praten, jezelf voorstellen, elkaar feliciteren,  kinderen in gesprek brengen met elkaar, activiteiten die uitnodigen tot samenwerking, ieders talent tot bloei laten komen en complimentjes geven. Hiervoor gebruiken we naast Kwink soms readers over sociaal-emotionele ontwikkeling van Kleuteruniversiteit.

 

School TV

De kinderen van groep 2 kijken op de vrijdagochtend naar het digibord. We kijken naar het Programma” Leesdas Letterdas” waarin wereldoriëntatie/natuur en taal/fonemisch bewustzijn en rekenbegrippen voor groep 2 centraal staan.

Met groep 1 en 2 kijken we regelmatig naar het programma Koekeloere met Moffel en Piertje, hierin komen taal/rekenen/wereldoriëntatie/natuur aanbod.  Online: bewegend leren met Meester Sander of de methode Fit en Vaardig.

Ook kijken we  met groep 1 en 2 naar andere speciale (Koekeloere) taal- of rekenprogramma’s.

 

Verkeer

We maken o.a. gebruik van de verkeersmethode  Klaar Over  (groep 2) deze methode werkt met verschillende thema’s die we regelmatig aan bod laten komen. Ook gebruiken we verkeerslessen op het digibord van Gynzy.

 

Schrijven

De kinderen van de groep 2 krijgen na de herfstvakantie een stencil waarop staat hoe we de letters fonetisch uitspreken (zo leert uw kind het) en  een letterbriefje. Hierop staan de letters die we op onze school gebruiken. Aangezien de kinderen in groep 3 met deze letters ook leren lezen, is het voor uw kind beter deze letters ook direct te gebruiken, bijv. bij het schrijven van de eigen naam.

Ook oefenen we schrijfpatronen als voorbereiding voor het schrijven in groep 3.  Later maken de kinderen deze schrijfpatronen in het werkboekje van Kleuterplein: ‘Ik kan het zelf’.

 

 

 

Mocht u nog vragen hebben, dan horen wij dit graag!

 

 

Met vriendelijke groeten,

 

Ineke, Christa en Erika.

 

 

 

 

 

SOOOG Magazine - februari 2022

Gepubliceerd door: SOOOG
Wat zou het mooi zijn als we iedere dag voor alle kinderen inspirerend, uitdagend en rijk kunnen maken met opvang en onderwijs. Opvang en onderwijs waarin kinderen de ruimte krijgen om te leren en eigenaar te worden van hun eigen ontwikkeling, zodat ze hun talenten gaan ontdekken en ontplooien. 
 

Vakantieoverzicht 2022-2023

Gepubliceerd door: SOOOG
De vakanties van schooljaar 2022-2023 zijn bekend.
 

Vakantieoverzicht 2021-2022

Gepubliceerd door: SOOOG
De vakanties voor 2021-2022 zijn bekend.   
 

OBS Futura

Directeur:  Annet Wortelboer

Merelstraat 3
9679 JE, Scheemda

0597 - 208008

obsfutura@sooog.nl